De theatersector moet bepalend willen zijn

“Juist wij, theatermakers, zullen altijd de Ander, de Vreemde blijven. Dat is ons vak: iemand anders zijn. Wij zullen nooit genoeg ‘hetzelfde’ zijn, wij randfiguren: bipolair, borderline, homo, lesbo, onbestemd, narcistisch, autistisch, hysterisch – en we zijn allemaal dodelijk onzeker en we hebben allemaal een knuffel nodig.

Eindelijk, er gebéúrt iets in theaterland. We zijn woke, we leren na te denken over wat een ander kwetst. Wij geven aan hoe we benaderd willen worden en vooral hoe we niet benaderd willen worden. Laten we dat doen met liefde”.

De dankspeech van Ramsey Nasr bij het ontvangen van zijn tweede Louis d’Or legt feilloos de vinger op zowel de grote kracht als de zwakte van de theatersector, namelijk die van een permanente, schijnbaar onvermijdelijke onzekerheid. De moed of soms bijna masochistische drang om zichzelf voortdurend te bevragen en te bekritiseren is even zo sterk aanwezig als de halsstarrige neiging om niet te willen veranderen en de gelederen te sluiten zodra de kritiek ons te veel wordt. De verzuchting dat het niet goed gaat met het theater kan in een oogwenk omslaan in de conclusie dat ‘we’ het toch best prima doen.

Daar waar de een aan de alarmbel trekt als het gaat om de verschraling van het aanbod in de schouwburgen, komt de ander tot de slotsom dat er best een paar zalen dicht mogen. Als iemand het heeft over kansen voor jonge makers, spreekt de ander over overaanbod, een begrip dat vroeger alleen door onwetende bestuurders werd gebezigd. Pleit er iemand voor fair practice, dan staan er anderen klaar om te roepen dat een bijbaantje voor jonge acteurs zo slecht nog niet is. Je kon het allemaal in sneltreinvaart voorbij horen komen tijdens het afgelopen Nederlands Theater Festival.

Iemand noemde de theatersector in de dagen voorafgaand aan Ramsey’s speech daarom ‘bijna manisch-depressief’. Op dat moment waren de kwalificaties ‘emotioneel, praatziek, naar binnen gekeerd, egocentrisch en conservatief’ al voorbij gekomen. Ik zou daar zelf graag nog ‘knettergek’ aan toe willen voegen.

10 Lessen

Dit gezegd hebbende is het misschien goed om met een nuchtere blik te kijken naar wat er allemaal gezegd is in de afgelopen festivalperiode en welke lessen ik daar uit gehaald heb. Allereerst Ramsey’s oproep om wat liever voor elkaar te zijn in deze soms wat oververhitte sector. Die oproep lijkt me terecht. Ik ben in mijn carrière heel wat boze mensen tegengekomen en om nou te zeggen dat het minder is geworden de afgelopen jaren… Ik vermoed om eerlijk te zijn het tegenovergestelde. Boos worden heeft mij persoonlijk nog nooit iets goeds opgeleverd. Het werkt contraproductief en hoeveel excuses je naderhand ook maakt: het laat altijd een kras in de relatie achter.

Les 1: Be nice, or go away

Toch word ik in mijn werk met enige regelmaat geconfronteerd met woede.  Het is niets in vergelijking tot wat treinconducteurs of brandweerlieden moeten doorstaan, maar toch… Ook in de culturele sector wordt gedreigd, geïntimideerd, gescholden of harde verwijten gemaakt. Vaak gebeurt dat met zogenaamde passie en gedrevenheid als excuus. Dat moet veranderen. Lief doen hoeft voor mij persoonlijk niet per se. Ik ben allang blij wanneer men een beetje aardig voor elkaar is, normaal overlegt, redelijk blijft en constructief samenwerkt. Hier om de hoek hangt bij de winkel op de Westerstraat een bord met een simpele aanbeveling: Be nice, or go away.

Waar die toenemende boosheid vandaan komt? Mogelijk is het de algehele maatschappelijke verontwaardiging die hier meespeelt. We voelen ons op de een of andere manier allemaal tekort gedaan. Het is daarbij een feit dat we onze frustraties makkelijker via sociale media de wereld in slingeren zonder acht te slaan de gevoelens van de ontvanger. De voortdurende druk op de culturele sector helpt ook niet echt mee. Het is misschien het gebrek aan geld en (zelf)waardering waardoor we ons neigen te gedragen als ratten in een ton.

Maar de waarheid is: er zijn geen ratten en er is geen ton. Er is alleen de wereld en de altijddurende uitnodiging om in die wereld te handelen.

Les 2: Er zijn geen ratten in een ton. Er is alleen een uitnodiging om positief te handelen.

Dat handelen is nodig. Gaat het goed met theater? Inhoudelijk: ja. Driewerf ja. Er wordt fantastisch theater gemaakt in Nederland. Als acteurs voetballers waren geweest loopt dit land over van de Frenkies en de Liekes. Het theater is modern, aansprekend, actueel en van hoog niveau. Er is voor ieder wat wils. Maar weet je joviale buurman op de camping wat er in het theater gaande is? Nee. Heeft hij van de Louis d’Or gehoord? Misschien. Maar waarschijnlijk niet.

Is er voldoende politiek- en maatschappelijk draagvlak voor theater? Nee. Dat is dus eenmaal ja, een keer misschien en twee maal nee. Dat lijkt me niet goed genoeg. Het is eenvoudig om op ons te bezuinigen. We hebben namelijk zelf geen plan. We zijn als het om de politiek gaat al jaren vooral reactief bezig. We kijken als een hert in de koplampen. We zullen dus met een plan moeten komen. Hoe doen we dat? Door met elkaar te spreken. Niet in de wandelgangen, niet tijdens een debat of tijdens een congres, maar intensief, dagen achtereen. We zullen eerlijker met elkaar moeten zijn dan we nu zijn, zonder emoties en zonder verwijten. We moeten aan de bak. Ja, nog meer. Wees gerust: mensen die het al heel druk hebben doen er gemakkelijker nog iets bij.

Les 3: We moeten de leiding nemen in het ontwikkelen van een nieuwe cultuurvisie.

Wat dat betreft had ik twee eyeopeners dit festival. In een discussie over diversiteit en ‘interculturaliteit’ stelden twee Belgische specialisten min of meer hetzelfde: als je diversiteit binnen je organisatie wilt, ga niet aan ons of een collega met een bi culturele achtergrond lopen vragen hoe dat moet maar lees eens een boek. Verdiep je! Span je in. Doe moeite. Een soortgelijk statement maakte Touretteshero Jessica Thom in haar Call to Action over inclusiviteit. Er is geen excuus: begin nu!

Les 4: Er is geen excuus om niet ogenblikkelijk aan de slag te gaan met inclusiviteit en diversiteit. Try harder.

En ook: Verander je mindset.

Is de fysieke beperking het probleem of is het gebouw dat niet voor rolstoelen toegankelijk is de uitdaging?, hield Jessica ons voor.

Ik dacht na over die mindset en over alles wat ik gehoord had. En in het verlengde van haar pleidooi dacht ik onder meer:

Is het cultuurbeleid het probleem of is het feit dat wij ons laten leiden door het cultuurbeleid het punt?

Zijn de zalen te groot of is onze ambitie te klein?

Neemt de politiek ons niet serieus of nemen wij onszelf niet serieus genoeg?

Les 5: Verander je mindset.

Wat wij als theatersector nodig hebben is een nieuw en gezond zelfbewustzijn. Een gezond zelfbewustzijn betekent dat je weet waar je kracht en je uitdagingen liggen. Dat je met afstand en compassie naar jezelf kunt kijken. Dat je je ego overstijgt en je groter kunt zijn dan jezelf. Dat je luistert naar de ander en daarin de wensen, de kansen en niet de bedreigingen hoort.  Oftewel: ‘Be cool’, zoals mijn Tibetaanse leraar de gehele Boeddhistische leer graag kernachtig samenvat. Om daar minzaam glimlachend ‘We are all going to die’, aan toe te voegen.

Les 6: Be cool.

Wij maken deel uit van een creatieve industrie met een onschatbare waarde. Wij zijn goed voor dit land dat een toekomst wil bouwen op kennis en innovatie. Creativiteit is de motor achter onze toekomstige economie. Het is tijd dat we zelfbewust naar buiten treden en het heft in eigen handen nemen.

Les 7: Creativiteit is van grote waarde voor de toekomst. 

Wanneer we kritisch maar opbouwend naar elkaar kunnen zijn, eerlijk durven zijn wanneer er ergens iets niet goed gaat, zetten we grote stappen vooruit. Ik heb niets met mensen die voortdurend kritiek hebben maar geen ideeën. Zodra we elkaar met positieve suggesties en visionaire plannen ondersteunen zetten we een vliegwiel van creativiteit in gang dat nauwelijks te stoppen valt.

Les 8: Samen kunnen we een vliegwiel van creativiteit in gang zetten.

We zijn nog lang niet gek genoeg. We moeten de leiding nemen, bepalend willen zijn. Wij moeten vervolgens gezamenlijk met onze plannen de boer op en mens voor mens de positie van de kunsten bevechten. We moeten het artistieke domein terugeisen, ook van onze Raden van Toezicht en besturen, die vaak om de verkeerde redenen zijn aangesteld en zonder verstand van zaken bepalen wie die dienst uitmaken binnen onze professie.

Les 9: We moeten het artistieke domein nu terugeisen en richtinggevend zijn.

Wij moeten ernstig in gesprek met onze politici en beleidsmakers, zetel voor zetel, van dorp tot dorp, van stad tot stad. Ons niet langer verliezen in non-discussies in kleine kring maar handelen. Handelen is de enige weg tot echte verandering. Zeker wanneer je daartoe in de positie bent is er geen enkel excuus. Handel. En doe dat nog vandaag.

Les 10: We moeten praten over kunst waar mogelijk en handelen waar noodzakelijk.

Wij hebben dringend een beetje meer Crazy Wisdom nodig. Vrije geesten die buiten de conventies denken. ‘Niet hetzelfde zijn’ zoals Ramsey dat noemt, is onze allergrootste kracht. Laten we daar vooral schaamteloos gebruik van maken.

WEB_TF_AllemaalMensen_jongeren_fotoMoonSaris_2675 copy
Allemaal Mensen in Carre, gratis voorstelling voor ruim 1000 MBO studenten tijdens het Nederlands Theater Festival.